Het Central Western European (CWE) Market Coupling programma is een initiatief van zeven TSOs (netbeheerders) uit België, Frankrijk, Duitsland, Luxemburg en Nederland. Het doel is om één regionale elektriciteitsmarkt te creëren. Het ambitieuze programma vormt een complexe omgeving met veel actoren met verschillende prioriteiten en belangen: 160 mensen uit 5 landen van 9 organisaties. Magnus Red verzorgt sinds 2008 het consortium management van dit initiatief om de gemeenschappelijke doelen te bereiken op basis van consensus. En daarbij houden we natuurlijk rekening met de belangen van alle partijen om onnodige vertragingen te vermijden.

BEHAALDE RESULTATEN

Meerdere gemeenschappelijke doelen van de Europese elektriciteitsnetwerken zijn sindsdien bereikt. Zo is 2010 een eerste koppeling van de elektriciteitsmarkten gecreëerd via de zogenaamde ATC-methode. Daarbij is ook de coördinatie tussen netwerkbeheerders verbeterd, wat de voorzieningszekerheid in de regio vergroot. Daarnaast zijn veilingregels rondom expliciete toewijzing van capaciteit geharmoniseerd en is een gezamenlijk veilingkantoor (CASC) opgezet. In 2015 ging een geavanceerde koppeling van de elektriciteitsmarkten live, via de Flow-Based methode. Deze houdt rekening met de toegenomen dynamiek van hernieuwbare energiebronnen en maakt optimaal gebruik van beschikbare elektriciteit om te verhandelen. Kortom, er is een efficiëntere regionale energiemarkt gecreëerd. Op dit moment worden stappen gezet om intraday en long-term capacities te berekenen volgens dezelfde principes. Alle resultaten zijn bereikt op basis van consensus tussen alle partijen en zonder onnodige vertragingen. Hoe dat kan?

BIJDRAGE VAN MAGNUS

Wij hebben de opzet en de bemensing van het Programma Management Office (PMO) voor onze rekening genomen. Een transparante en betrouwbare programmamanagement-organisatie die bilaterale discussies mogelijk maakt. Neutrale en efficiënte rol in het besluitvormingsproces door: verzamelen van informatie, harmoniseren van werkgroeprapportages, faciliteren richting consensus en acceptatie, eerstelijns arbitrage bij issues en beperken van escalaties. Aanpassen van de programma governance bij veranderingen die zich tijdens het project voordoen (in technisch, geografische termen). Verticale PMO integratie door de gehele programma organisatie (tot op werkgroepniveaus) om continu een volledig inzicht in de status van het programma te hebben en de focus op de gemeenschappelijke einddoelen te behouden. Verzekeren van voortgang door waar nodig de leiding te nemen en continuïteit binnen het dynamisch programma te waarborgen (lange tijdslijnen, sterk wisselende resources). Inbreng van inhoudelijke IT en technische expertise en aansturing. Kritische evaluatie van projectresultaten ter verbetering van de kwaliteit en de aansluiting op het geheel. Intensieve kennis van het bedrijfsproces en IT om het programma inhoudelijk te adviseren en te zorgen dat beslissingen op basis van kwalitatief goede informatie worden genomen. Proactieve rol in het systeemontwerp en gedegen IT-projectmanagement tijdens de ontwikkeling en implementatie van het systeem. Kortom, een onafhankelijke bijdrage waarin programma-, project- en procesmanagement worden versterkt door business diplomacy en inhoudelijke kennis.